Hoop is niet hetzelfde als veiligheid
- Aloor
- 3 mrt
- 2 minuten om te lezen
Over huiselijk geweld en emotionele afhankelijkheid
Een film die me raakt
Een tijdje terug zat ik weer op mijn houten stoel tijdens onze vrijwilligersavond bij Stichting De Boog. Bij een lange film neem ik meestal een kussentje mee, maar dit keer deed ik dat niet. Ik verwachtte gewoon een fijne avond. Even samen zijn. Even iets anders dan de dagelijkse praktijk.

We keken C'è ancora domani (“Er is nog morgen”).
Wat ik niet verwachtte, was dat ik na afloop stil naar huis zou fietsen. Dat dit verhaal zo’n diepe indruk op me zou maken.
De film speelt zich af in het Italië van na de oorlog. Zwart-wit beelden. Een gezin. Een vrouw. Het oogt bijna nostalgisch — tot je beter kijkt.
Wat me raakte, was niet alleen het openlijke geweld. Ik zat rechtop, voelde boosheid en verdriet tegelijk en kneep in mijn handen, met de neiging om in te grijpen. Tegelijkertijd kwam er een ongemakkelijke vraag in me op: hoe kan het dat iemand keer op keer klappen ontvangt en toch blijft?
Wanneer ik me realiseer hoe iemand langzaam verstrikt raakt in een web van afhankelijkheid, schaamte en hoop, besef ik ook hoe ingewikkeld het is. Wat zou ik zelf doen in zo’n situatie?
Het is niet alleen het geweld dat aangrijpt. Het is de vanzelfsprekendheid ervan. De manier waarop vernedering onderdeel wordt van het dagelijks leven. Hoe iemand leert inschatten, aanpassen, incasseren. Ik voel diep respect voor haar overlevingskracht.
En toch heet de film: Er is nog morgen.
Ooit was er een verliefd begin. Maar langzaam veranderde er iets. De aardige jonge man werd steeds dominanter. Eerst subtiel. Daarna minder subtiel. En steeds weer lijkt er een gedachte te zijn: morgen wordt het misschien beter.
Wat deze film zo pijnlijk duidelijk maakt, is dat geweld niet altijd schreeuwt. Het sluimert. Het vermomt zich als gewoonte. Als hoop. Als opnieuw je best doen. Pleasen. Zoeken naar dat ene moment van liefde, erkenning, gezien worden.
Soms overstemt hoop zelfs de pijn.
Misschien speelt ook mee dat zij moeder is. Dat zij verantwoordelijkheid draagt. Liefde voelt. Zorg wil geven. En als mens hebben we in eerste instantie de kracht om te overleven. Dat deed zij ook.
In mijn praktijk zie ik hoe oude wonden kunnen leiden tot overmatig aanpassen. Hoe mensen die ooit gekwetst zijn, hard hun best doen om aardig gevonden te worden. Aanpassen kan verbindend zijn, zolang je jezelf blijft voelen. Maar wanneer je jezelf kwijtraakt om de ander tevreden te houden, raakt iets essentieels uit balans.
Juist daarom is Orange the World geen symbolische campagne, maar een noodzakelijke oproep. Geweld tegen vrouwen is geen ver-van-mijn-bed-thema. Het begint vaak klein.
Onzichtbaar.
Sluipend.
Misschien begint verandering niet bij grote woorden of discussies, maar bij durven kijken. Echt kijken.
En bij het erkennen dat hoop niet hetzelfde is als veiligheid.
Veiligheid is de basis.
Maar wat betekent dat eigenlijk voor jou?
Herken je jezelf hierin en wil je onderzoeken wat veiligheid voor jou betekent? Je bent welkom.
Een warme groet
Wilma



Opmerkingen